Familie daar is geen DNA voor nodig! | STIEFenCO
2505
post-template-default,single,single-post,postid-2505,single-format-standard,do-etfw,,qode-title-hidden,side_area_uncovered_from_content,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-10.0,wpb-js-composer js-comp-ver-5.4.5,vc_responsive
Hulp-bij-Samengesteld-gezin-harmonie-energie-stiefcoaches-STIEFenCO-hulp-bij-stiefgezin

Familie, daar is geen DNA voor nodig!

Vandaag posten wij meer dan graag de blog van Catelijne – ook wij noemen haar liever Caat, die schrijft over dagelijkse dingen die haar bezighouden. Vanuit haar hart, open, simpel en met humor. Met name omdat zij hoopt dat jij je erin herkent én er misschien iets aan hebt. Veel leesplezier!

Doen jullie dat ook? De samenstelling van een gezin analyseren? Wie is de vader en wie is de moeder van welke kinderen?

Vroeger, toen ik op de basisschool zat, was het vrij eenvoudig. Als de kinderen van een gezin qua leeftijd bijvoorbeeld geen broer en zus konden zijn, dan waren ze neef en nicht of vriendje en vriendinnetje. En een donker kindje bij blanke ouders was geadopteerd. Simpel.

Dat was in de tijd dat scheiden nog bijzonder was. Op mijn basisschool kende ik maar een meisje waarvan de ouders gescheiden waren. Zielig vond ik dat. Tegenwoordig is het op basisscholen bijna normaal dat leerkrachten voor een leerling twee oudergeprekken hebben. Een met de vader en een met de moeder.

Gezinnen zitten tegenwoordig vaak ingewikkeld in elkaar. In ons geval heeft mijn vriend geen ‘eigen’ kinderen en ik maar eentje. Maar mijn nicht bijvoorbeeld, heeft samen met haar tweede man zés kinderen!!! Drie van haarzelf en drie van haar man. En die drie van haar man zijn dan ook nog eens van twee moeders. In dat gezin zijn er dus drie biologische moeders en twee biologische vaders betrokken. Snap je het nog? En als de nieuwe partners dan ook nog eens samen een of meerdere kinderen krijgen, wordt het een soort van hogere wiskunde.

De benaming voor ‘dit soort’ gezinnen varieert van stiefgezin, combinatiegezin en plusoudergezin tot patchworkgezin. De laatste naam vind ik geloof ik tot nu toe het leukste, maar echt blij word ik er niet van.

Maar goed, samen met mijn dochter, mijn vriend, twee poezen en een kat vormen wij dus zo’n gezin. Het zit heel simpel in elkaar. Behalve de biologische vader van mijn dochter zijn er geen andere kinderen of volwassenen bij betrokken. Dat klinkt eenvoudig maar dat is het natuurlijk niet.

Een aantal maanden nadat ik was gescheiden van de vader van mijn dochter, kreeg ik een relatie met de liefde van mijn leven. Wij kennen elkaar al sinds de middelbare school en vonden elkaar toen ook al heel leuk. Maar ja, ik was 17 of 18 en hij pas 14 of 15. En dat leeftijdsverschil was toen natuurlijk véél te groot! In de 25 jaar die volgde, kwamen we elkaar af en toe tegen in de stad, maar veel maar verder dan ‘hoi’ kwamen we meestal niet. Toen we vrienden op Facebook werden, leerden we elkaar pas echt kennen. En ook live vonden we elkaar nog steeds erg leuk!

We wilden het rustig aan doen. En we spraken af dat mijn dochter voorlopig geen kennis met hem zou maken. Eerst wilden we zeker weten dat we er samen serieus voor zouden gaan. In het begin wist ze natuurlijk wel dat mama een vriendje had, maar meer eigenlijk niet. Later wilde ze steeds meer van hem weten en hem ook een keertje ontmoeten.

Omdat mijn dochter destijds de ene week bij haar vader en de andere week bij mij was, hadden mijn vriend en ik lekker veel tijd samen. Van ons plan om het rustig aan te doen, kwam uiteindelijk dan ook niet veel terecht. Hoewel hij had gezegd dat ik niet moest denken dat hij iedere avond bij mij op de bank zou komen zitten, woonden we binnen no time samen. Dat betekende dus dat mijn dochter ineens een ‘nieuwe’ man in huis had en mijn vriend de helft van de tijd met een kind woonde.

Zo werden wij zo’n vierenhalf jaar geleden een patchworkgezin. Mijn dochter werd stiefdochter en mijn vriend stiefvader. Die benaming was nog wel een dingetje. Mijn vriend noemde mijn dochter graag zijn bonusdochter, maar daar was zij absoluut niet van gecharmeerd. Dat woord werd en wordt daarom in haar bijzijn niet meer gebruikt.

Ik kan niet zeggen dat het vanaf het begin een doorslaand succes was. Mijn dochter gedoogde mijn vriend, maar daarmee was alles wel gezegd. Zij vond hem een vreemde gast en op zijn beurt vond hij haar maar een verwende prinses. Voor wat betreft vreemde gast, had ze wel een punt. Vriend lijkt op geen enkele manier op haar vader. In tegenstelling tot mijn ex-man is hij nogal intens en aanwezig. Hij lacht, zingt en danst. En dat allemaal vol overgave, ook ‘s morgens vroeg. En niet alleen thuis, maar ook buiten. Waar zij bij is. Niet cool. Vindt zij. Wel cool. Vinden wij. Als hij blij is, is hij heel blij. Datzelfde geldt voor boos.

Om als kind je moeder verliefd te zien op een man die niet je vader is, lijkt me niet makkelijk. Ze heeft dat nooit met zoveel worden gezegd, maar er gold en geldt nog steeds een knuffel- en kusverbod. Binnenshuis, maar zeker ook buitenshuis. Thuis wordt er hard ‘Ieuw!!!!!’ geroepen en als we niet thuis zijn, sist ze ‘doe normaal!’. En als zij bij ons thuis is, mag er niet worden gesekst. Als wij daar dan tegenin brengen dat ze 10 van de 14 dagen bij ons is en dat 10 dagen best lang duurt, kent ze geen genade.

Met mijn vriend, hadden we ook ineens een kok in huis. Een bourgondische nog wel. Ruim 4 jaar en nog meer kilo’s later, kookt hij nog steeds bijna iedere dag. Gelukkig wel verantwoorder, maar nog steeds erg lekker. Natuurlijk vindt het kind zijn eten standaard ‘jak’. Maar ondertussen eet ze meer dan ze ooit gegeten heeft. Per week gaat er een paar liter soep doorheen. Ze zal nooit tegen hem zeggen ‘wat heb je weer lekker gekookt vandaag’. Maar voorlopig is de vraag ‘is er nog soep/spaghetti/dat spul van gisteren’ voldoende voor hem.

Zijn uitspraak ‘ik zeg nee tegen jou, omdat ik van je hou’ drijft haar tot waanzin. Maar stiekem vindt ze wel heel fijn dat ze begrensd wordt. Al zal ze dat natuurlijk nooit toegeven! Hij mag haar maar sporadisch een knuffel geven, wel wordt hij te pas en te onpas als boksbal gebruikt. Dat zien we dan maar als een alternatieve uiting van genegenheid.

Vriend is zeer geïnteresseerd in de bezigheden van zijn stiefdochter. Dat dat op haar zenuwen werkt en dat het haar überhaupt niet boeit wat hij ergens van vindt, maakt hem niks uit. De preken die ze naar haar hoofd krijgt over de slechte invloed van de series waarnaar ze kijkt, maken geen indruk. Zijn adviezen over een waardevolle vrijetijdsbesteding laten haar koud. Zijn verwoede pogingen om haar met mes en vork te laten eten, hebben nog geen merkbaar resultaat opgeleverd. De aanmoedigingen om meer te tekenen – omdat ze anders geen striptekenaar kan worden – worden genegeerd.

Ik doe natuurlijk ook, maar ik mag dat want ik ben haar moeder. Toen ik laatst vroeg wat ze hoort als wij – volgens haar – aan het zeiken zijn, zei ze ‘blablablablabla…’. Dat verklaart op zich wel waarom dat ‘zeiken’ zo weinig resultaat heeft.

Vanaf het begin was de bonusvader in kwestie heel erg betrokken bij mijn dochter. Dat haar vader dat lange tijd niet zag zitten, maakte het er niet makkelijker op. Als mijn partner kreeg hij er mijn kind gratis bij. Een kind dat – zoals ik al in een ander blog schreef – niet voldoet aan welke standaard dan ook. Ik had het echt begrepen als hij had besloten had om weg te gaan. Maar dat deed hij niet. Ook niet toen het op een gegeven moment echt niet goed ging met haar. Sterker nog, hij was degene die ervoor zorgde dat ze na 8 maanden binnen zitten weer naar buiten durfde.

Hij was de enige die erbij was op het moment dat ze weer voor het eerst door het bos huppelde, een winkel binnenging en op de snelweg met haar hoofd uit het raam van de auto hing. Hij koos er bewust voor om zijn aandacht maandenlang meer te richten op zijn stiefdochter dan op zijn bedrijf. Hij is meer vader dan menig biologische vader.

En wij zijn een écht gezin. Maar we zijn geen normaal gezin. Dat kan namelijk niet met een type als mijn vriend en een kind met autisme. Maar wij houden onvoorwaardelijk van elkaar en alles wat we doen, doen we uit liefde. Pasgeleden zei een klant van mijn vriend tegen hem: ‘Stop nou eens met het zeggen van stiefdochter! Doe niet zo krampachtig, ze is gewoon je dochter’. En daar ben ik het helemaal mee eens! Maar dat zeg ik nog maar even niet tegen ‘ons’ kind!