Daniëlle verloor haar stiefzoon | Libelle ~ november 2018 | STIEFenCO
3679
post-template-default,single,single-post,postid-3679,single-format-standard,bridge-core-1.0.4,do-etfw,,qode-title-hidden,side_area_uncovered_from_content,qode-child-theme-ver-1.0.0,qode-theme-ver-23.5,qode-theme-bridge,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-6.4.1,vc_responsive

Danielle verloor haar stiefzoon


Danielle Warnier (48), verloor drie jaar geleden plotseling haar stiefzoon David (23) aan de gevolgen van diabetes. Een paar maanden eerder strandde haar huwelijk.

Ondeugende ogen dansen achter zijn bril, de speelsheid druipt van hem af. Ik val als een blok voor hem. Hij is getrouwd en vader van twee kinderen. Toch duurt het nog vier jaar voordat we voor het eerst zoenen. Daarna kunnen we elkaar niet loslaten. Spannende afspraakjes volgen, meestal in het geniep. Na een turbulent jaar schetst hij voorzichtig de contouren van hoe ons leven er samen uit zou kunnen zien. Mijn hoofd tolt en ik ben in de wolken. En hij zet het mes in zijn huwelijk.

Zijn zoon David is 8 jaar als ik hem voor het eerst ontmoet. Een schichtig jongetje met donkerbruine ogen die mij wantrouwend volgen. Niet voor niks, er stapt plots een blonde vrouw zijn leven binnen, die ook nog eens 20 jaar jonger is dan zijn vader. Ik ben de grote bedreiging in zijn leven, een wandelend cliché. Zijn jonge leven staat volledig op z’n kop.

De scheiding eist de eerste vier jaar al onze aandacht op. We proberen ons allemaal staande te houden in deze orkaan. Door zijn chronische ziekte is David veel bij ons. Dit zorgt ervoor dat ik snel wen aan het nieuwe gezinsleven. Ik vind het heerlijk als David bij ons is. Alleen zijn zus zien we steeds minder. De middelbare school, de puberteit en de scheiding vragen veel van haar. Maar als wij, een jaar na de scheiding vertellen dat ik zwanger ben, barst de hel los. De kinderen willen ons niet meer zien.

Ik ben twintig weken zwanger als mijn schoonvader overlijdt. De kinderen hebben we al maanden niet gezien. We hopen vurig dat we samen met hen afscheid kunnen nemen om van daaruit het contact langzaam te herstellen. Een paar dagen voor het afscheid laten de kinderen weten niet met mij in een ruimte te willen zitten en blijven weg van de crematie van hun grootvader.

Na ruim twee jaar van nauwelijks contact komt David, door een conflict met zijn moeder, van de ene op de andere dag bij ons wonen. David is boos, verward en vooral puber. Onze zoon van 2,5, is erg van slag door die dwarse puberbroer. De nieuwsgierigheid wint het echter al snel van de verwarring en de peuter volgt de puber als een schaduw. We zoeken met z’n allen naar evenwicht.
David spijbelt, blowt en is overal behalve thuis. De ruzies en de bezorgdheid beheersen ons leven. Ook begint ons net gesloten huwelijk al snel de eerste scheuren te vertonen. Het voelt alsof mijn man steeds verder van mij afdrijft. Ik kan mijn vinger er niet opleggen.

Toch komt er na een lange periode van ruzies, grenzen stellen, ruimte bieden, wanhopig en radeloos zijn heel langzaam rust in huis. De puberjaren schudt David van zich af en er komt een aangename, vrolijke en sociale jongen tevoorschijn. Met een inmiddels grenzeloze liefde voor zijn 14 jaar jongere broertje. Hij start meerdere studies maar breekt ze vroegtijdig af. Hij kan z’n draai nog niet vinden. Dan komt er de mogelijkheid voor hem op kamers te gaan. Hij grijpt die met beide handen aan.

Zijn 21e verjaardag viert hij met een ‘herendiner’ bij ons thuis. Een huis vol vrienden, 21 cadeautjes en lekker eten. Een gevatte speech van z’n vader, haardvuur buiten en pup Bob die de show steelt. David geniet zichtbaar. Ik gloei van trots. We raken gewend aan het leven met een kind op kamers en een kind op de lagere school. David komt de weekenden gelukkig geregeld naar huis. Het geeft de nodige afleiding. Mijn man worstelt met het leven en wij raken steeds verder van elkaar verwijderd.

Op het moment dat mijn man volledig uit contact raakt en er een ongekende rust over hem heen valt gaan mijn alarmbellen af. Ik schakel de huisarts in. Na intensieve gesprekken wordt mijn man voor een maand opgenomen in een psychiatrische kliniek. Ik bel David en vraag of hij snel naar huis komt. Hij wijkt die maand nauwelijks van mijn zijde. Hij gaat met zijn broertje naar voetbal, naar zijn vader, we koken samen en doen spelletjes. Hij is vooral dicht bij ons. Als hij even naar de buren gaat om te chillen, mis ik hem al voordat de deur in het slot valt.

Negen maanden nadat hij uit de kliniek wordt ontslagen komt mijn man uit de kast. Hij valt op mannen en kan het niet meer ontkennen. De opluchting bij hem is groot. Maar mijn leven wankelt. Iedere ochtend geef ik over. Ik ben een schim van mezelf. Na maanden van intens verdriet besluiten wij om een punt achter ons huwelijk te zetten We vertellen de kinderen over ons voornemen en de reden daarvoor. Ze reageren geschokt en David is boos. We moeten hem beloven geen puinhoop van deze scheiding te maken. Vooral voor zijn broertje.

Enkele avonden later word ik hardhandig uit mijn eerste slaap gewekt door mijn man. Hij hapt naar adem: ‘Er is iets ergs gebeurd, je moet nú komen. David is dood’. Vol ongeloof en afschuw, vooral vanwege de ruwheid waarmee de boodschap wordt gebracht, kleed ik me aan en raas de twee trappen af naar beneden. Alsof snelheid nog iets kan veranderen aan de onheilspellende boodschap. Twee jonge politiemannen zitten aan tafel. ‘Uw zoon is vandaag thuis overleden. Zijn lichaam is in beslaggenomen voor nader onderzoek.’

Hoewel we al enige tijd apart slapen besef ik dat de ontwrichting van de afgelopen maanden er nu niet meer toe doet. Ik sla mijn armen om mijn man heen en beloof hem ‘m nu niet alleen te laten. We beloven het elkaar. Onze oudste zoon is dood, ik voel me verslagen.

De kloof tussen mijn man en mij is in de dagen voor Davids begrafenis door alles heen voelbaar. Ondanks ons voornemen om dicht bij elkaar te blijven en elkaar niet uit het oog te verliezen. Een kleine kring om ons heen weet van de naderende scheiding, de echte reden blijft voor velen verborgen. De scheidingstamtam draait op volle toeren. Het verhaal gaat dat ik mijn man heb verlaten én een nieuwe relatie heb. Ik voel me verloren in de chaos.

We willen met de moeder en zus van David samen de begrafenis regelen, hoewel er jaren geen contact is geweest. Al snel blijkt de wond van de echtscheiding tussen mijn man en zijn ex-vrouw nog net zo vers als ruim 10 jaar geleden. Mijn zoon en ik mogen niet op de rouwkaart en we zijn al helemaal niet welkom op Davids begrafenis. Het lijkt de ultieme afstraffing voor ooit eerder gemaakte keuzes. Vol ongeloof en verdriet besluiten we het te negeren en de regie over Davids begrafenis in eigen handen te nemen. We zorgen, regelen en troosten onszelf de dag door. We blijken doorgewinterde crisismanagers. Ondanks alles beleven wij deze dagen als intens mooi, warm, liefdevol en tegelijk ontwrichtend.

Op de dag van de begrafenis varen we met sloepen vanaf Davids dispuut naar de begraafplaats. De kou slaat om onze botten. De spanning is om te snijden. Er staan twee families letterlijk lijnrecht tegenover elkaar. Buiten bij de aula hebben veel mensen zich verzameld, hoor ik later. Ik kijk naar de grond, bang om de ontzetting in de ogen van anderen te lezen. Als de afscheidsdienst begint komt de regen met bakken uit de lucht. Twee uur later, als David wordt neergelaten in zijn graf, breekt de zon door.

De weken na de begrafenis voelen als drijfzand. Ik heb nauwelijks energie en zoek naar ritme en afleiding. Af en toe valt het verdriet in golven over mij heen. Mijn lijf doet pijn.
Als een moeder op het schoolplein vraagt waarom ze me nog zo weinig ziet vertel ik haar het verhaal. Ze is niet op de hoogte van de rampspoed in ons leven. Ze slaat haar hand voor haar mond en zegt ‘Oh, wat erg voor je zoon en je man. Hoe is het nu met ze?’ Als aan de grond genageld stamel ik dat het wel gaat. Het zal me de komende jaren met regelmaat gebeuren. Als je eigen kind overlijdt heb je openlijk recht op rouw en verdriet. Voor stiefouders gelden blijkbaar andere rouwwetten. Ik rouw aan de zijlijn en het voelt alsof mijn verdriet om David volledig buitenbeeld valt.

Rouwen is eenzaam. En dit is dubbele rouw. David is dood én ik ben mijn man verloren. Hij leeft nog maar ik ben hem kwijt. Er hangt een grote schaduw over het verleden. Het verdriet over alle gemiste kansen beneemt me m’n adem.

Hoewel we de scheiding na het overlijden van David in de ijskast hebben gezet, besluit ik na een aantal maanden dat ons leven samen klaar is. Maar als de mail binnenkomt met de mededeling dat we officieel gescheiden zijn voelt het alsof ik met een honkbalknuppel tussen m’n beide ogen ben geslagen. Die middag zoek ik huilend troost bij mijn vriendinnen en een fles witte wijn. Een week later besluit ik dat het klaar moet zijn met jammeren en gooi mijn vrouwelijkheid in de strijd. Ik beleef een wilde middag met een onbekende man. Zo, daar was ik aan toe. Alles doet het nog en ik voel me weer enigszins tot leven gebracht.

De maanden die volgen zijn onwennig. Mijn ex-man vertrekt uit ons huis en we hebben een regeling getroffen voor onze zoon. Op de wisseldag eten we samen, om de overgang zo zacht mogelijk te laten verlopen. Voor onze zoon maar ook voor ons. Vaak fiets ik huilend naar huis. Dagen zonder mijn zoon, helemaal alleen in het grote huis vol herinneringen. Lege kamers. Geen kinderstemmen of voetstappen. Ik voel me verlaten en verlang naar alles wat er ooit was.

Toch lukt het me om vorm te geven aan mijn nieuwe leven. En ik geniet voorzichtig van de rust en de ongekende vrijheid als mijn zoon bij zijn vader is. Het kan naast elkaar bestaan, het missen van het vorige leven en het ontdekken van het nieuwe. Langzaam komt mijn energie terug.

Intussen is de relatie met mijn ex-man veranderd in een warme vriendschap. We hebben samen onderweg teveel verloren om een leven lang in wrok om te kijken. Als partners verwachten we niks meer van elkaar. Wel delen we de zorg voor onze zoon, die veel heeft meegemaakt en die we door het leven moeten zien te loodsen. Ouders blijven we een leven lang.
Hoewel we allebei anders rouwen om David verschilt onze rouw niet wezenlijk van elkaar. Hij rouwt om zijn zoon, ik om mijn stiefzoon. We hebben allebei andere herinneringen. Maar we missen dezelfde David. Daar treffen we elkaar.
Onder de streep van de scheiding is de liefde voor elkaar en onze kinderen gebleven. Goddank, het is mogelijk.

Tekst: Daniëlle Warnier
Daniëlle is rouw- en verlieskundige en stiefcoach voor samengestelde gezinnen